Blog

Blog

rew

Damhert

Een bijzondere wildervaring

Na een paar uurtjes in een natuurgebied te hebben rondgestruind, zit de fotoapparatuur weer in mijn rugtas en ga ik op weg naar mijn fiets, als op een bospad mijn aandacht wordt getrokken door een luid kwinkelerende vogel. Ik besluit op het geluid af te gaan om te achterhalen welke vogel daar zo'n vrolijk liedje zit te verkondigen en stap geconcentreerd luisterend, van het bospad af. Amper drie stappen verder wordt die concentratie abrupt verbroken en klinkt er een krakend geluid onder mijn schoen; ik trap op een tak! Even denk ik: "weg vogel!", maar die gedachte is vrijwel direct verdwenen als er op datzelfde moment geritsel, gekraak en gedempt hoefgetrappel klinkt. Ik schrik, kijk om me heen en mijn blik kruist een vluchtend damhert. Het blijkt een mannetje met een fors gewei te zijn, dat kennelijk door mijn lawaai is opgeschikt. Het beest maakt zich met grote sprongen uit de voeten, daarbij moeiteloos hindernissen, als gevelde bomen en zijn weg versperrende struiken nemend, om vervolgens achter een aantal dikke bomen uit mijn zicht te verdwijnen. Als het beest een ogenblik later weer in mijn blikveld verschijnt en verder wegrent, registreer ik iets vreemds en begin serieus aan mijn waarnemingsvermogen te twijfelen. Ik ben er immers zeker van dat ik een mannetje heb zien vluchten, terwijl ik ogenschijnlijk een hinde zie. Ik kijk nog eens goed of er misschien niet meer herten in de buurt zijn, maar bespeur echt alleen maar dat ene damhert. Mede gezien de tijd van het jaar -het is half april- dringt het echter al snel tot mij door dat dit maar één ding kan betekenen: het damhert heeft tijdens zijn vlucht, beide geweistangen afgeworpen! Enthousiast en in gedachten al bij mijn zoontje, waar ik drie dagen geleden nog een vruchteloze zoektocht naar afgeworpen geweistangen mee heb gemaakt, loop ik ingespannen de bosbodem afzoekend, in de richting van de dikke bomen. Ik kan mijn geluk dan ook niet op als het zoeken wordt beloond met twee prachtige, nagenoeg onbeschadigde geweistangen. Eenmaal op de fiets naar huis -beide stangen in de hand vasthoudend- heb ik veel bekijks en realiseer me dat ik een geweldige en onvergetelijke wildervaring rijker ben. En mijn zoontje: die is haast nog enthousiaster dan ik en heeft de stangen de volgende dag vol trots mee naar school genomen. Echter vastbesloten er ooit ook zelf een te vinden ...

Gepubliceerd in het tijdschrift Grasduinen, oktober 2008.

Damhertenbronst

De paartijd van damherten wordt bronsttijd genoemd en vindt plaats tussen medio oktober en begin november. Normaal leven de vrouwtjes (hinden) en de mannetjes (herten) gescheiden van elkaar in roedels. De herten in mannenroedels en de hinden met hun kalveren in kaalwildroedels. Tegen de tijd dat de bronst aanbreekt, worden de herten onrustig en vallen de mannenroedels uiteen. Herten die nog te jong zijn om deel te nemen aan de bronst komen dan vaak nog wel in aparte groepjes voor. Damherten zijn niet territoriaal maar in de aanloop naar de bronst, veroveren de oudere herten hun eigen territorium, de bronstplaats. Ze markeren de bronstplaats door met hun kop tegen boompjes en struiken te vegen, maar ook door het krabben van ondiepe kuilen (bronstkuilen) die met urine worden besproeid. Bovendien slaan ze regelmatig met hun gewei tegen bomen en struiken. Concurrenten of indringers worden verjaagd of met gevechten buiten het territorium gehouden. Op de bronstplaats is het hert regelmatig liggend te zien in zijn bronstkuil, wachtend op bronstige hinden of onrustig heen en weer lopend waarbij hij een kenmerkend geluid laat horen, het zogenaamde burlen. Het burlen is het best te omschrijven als een enigszins gedempt knorrend geluid. De hinden verlaten de kaalwildroedel -soms vergezeld van een kalf of smaldier- om de herten op te zoeken bij hun bronstplaats. Zodra een hert een hinde heeft uitgekozen volgt hij haar enige tijd, waarna als de hinde er voor open staat, de paring plaatsvindt. In de bronsttijd is de hals van een hert verdikt, waardoor de adamsappel goed opvalt. Dit is goed te zien bij het kapitale hert op de foto.

dmbshh1

Vondst

Ieder jaar werpen damherten hun gewei af. Het is een proces dat zich onder invloed van hormonen voltrekt. De oudere, volwassen herten verliezen hun gewei het eerst en later volgen de jongere en nog niet volwassen herten. Bij damherten, speelt dit proces zich grofweg af in de maanden april en mei. In de omgeving van mijn woonplaats leven veel damherten en in het voorjaar, kijk ik dan ook altijd uit naar afgeworpen geweistangen. Ik heb inmiddels twee grote, nagenoeg onbeschadigde stangen in mijn bezit en enkele dagen geleden stuitte ik bij toeval op een tweede set. Erg leuk, want de twee kleine stangen, afkomstig van een jong damhert, lagen in een grasland op nog geen 100 meter van mijn woning. Het afwerpen gebeurt onder invloed van osteoclasten, cellen die het bot week maken en uiteindelijk zorgen, dat het gewei bij de aanhechting op de kop afbreekt. Onderstaande foto toont het breukvlak van een afgeworpen geweistang. Soms breken de stangen gelijktijdig af, maar het komt ook voor dat de tweede stang pas na enkele dagen valt. Direct na het afwerpen begint de vorming van een nieuw gewei, dat omgeven is door een fluwelen huid, het zogenaamde bastgewei. De fluwelen huid, wordt bast genoemd en is rijk aan bloedvaten, die het gewei van bouwstoffen voorzien. Maar de bast bevat ook veel zenuwen, die het groeiende gewei erg gevoelig maken. Dit is dan ook de reden dat gevechten in deze periode worden vermeden. Na ongeveer 4 maanden, -in de maand augustus- is het gewei volgroeid. De basthuid sterft af en laat los. Dit gaat gepaard met jeuk, waardoor het hert zijn gewei regelmatig langs bomen en takken schuurt, ook wel vegen genoemd. De huid hangt dan vaak als losse flappen aan het gewei. Nadat alle huid is afgeveegd, is de cyclus doorlopen. Het gewei is dan ongevoelig en zal alleen nog wat verkleuren. Een gewei is vooral bedoeld om te imponeren maar als het nodig is, ook om af en toe een robbertje mee te vechten. Ieder jaar groeit het gewei met het hert mee en wordt in de regel steeds groter en imposanter. Echter, de kwaliteit van de biotoop en de gezondheid van het hert spelen hierbij een grote rol, aangezien de vorming van een gewei veel mineralen (calcium) en energie vergt. Bij oude "bejaarde"herten stokt de groei van het gewei op een bepaald moment en zal het gewei juist in omvang en kwaliteit afnemen. Dit wordt terugzetten genoemd.

bgbshh1